Houtverwerking
Houtverwerking gaat over wat er met een boom gebeurt nadat hij ligt: kloven, hakselen, op lengte zagen en de stronk wegwerken. Eronder staan houtklovers, kegelsplijters, hakselaars, stobbenfrezen, brandhoutzagen en snoeizagen voor de tractor. Je kiest op de dikte van het hout en op wat je aan aandrijving beschikbaar hebt.




Houtklovers, ook wel kloofmachines genoemd, drukken een wig door een blok in plaats van erop te slaan.

Hakselaars maken van snoeiafval iets wat je kwijt kunt: houtsnippers voor onder de beplanting, en een kruiwagen vol in plaats…

Een stobbenfrees haalt een boomstronk weg zonder te graven.
Houtklover TS-22E
22 t, met stamlift, 5 kW elektromotor
Houtklover TS-30K
30 t combi (aftakas + electro), met stamlift
Welke machine bij welk werk
| werk | machine |
|---|---|
| stammen tot brandhout kloven | houtklover |
| kort hout kloven met een trekker, shovel of minigraver | kegelsplijter |
| takken en groenafval verkleinen | hakselaar |
| een stronk in de grond wegwerken | stobbenfrees |
| stammen op lengte zagen | brandhoutzaag |
Bij een houtklover zijn kloofkracht en klieflengte de twee maten waarop je kiest. De kracht loopt van 8 tot 40 ton en de klieflengte tot 110 cm. Knoestig loofhout vraagt meer kracht dan recht naaldhout van dezelfde dikte. Een liggende klover werkt op werkhoogte en is er voor kort hout; een staande neemt lange stammen aan die je toch niet meer optilt, en een stamlift scheelt het tillen daarbij.
Bij een hakselaar tellen de maximale takdikte en hoe het materiaal erin en eruit gaat: met de hand invoeren of via een trechter, en met een hoge afvoerbuis of een opvangbak. Bij een brandhoutzaag telt de zaagcapaciteit; met een blad van 700 mm zaag je hout tot 250 of 300 mm door.
De aandrijving loopt uiteen: benzine, elektrisch, een aftakas van een trekker, of een combinatie van twee. Wat je kiest hangt af van waar de machine moet staan en wat er aan trekkracht op het erf is.










