Benzine houtklovers
Een houtklover op benzine werkt waar geen stopcontact is. Je zet hem neer bij de stammen, in het bos of achter op het land, en maakt het hout op waar het gevallen is in plaats van het eerst te verslepen.




Kloven op de plek waar het hout ligt
Een stam hoeft dan niet in stukken naar de schuur. Het gekloofde hout gaat er wel in, kleiner en lichter en meteen op stapelmaat. De machines in deze klasse zijn daarom zwaar en staand uitgevoerd, met een stamheffer om het blok van de grond op de kloofplaat te rollen; tillen is bij deze maat hout geen optie.
Daar komt bij dat een benzineklover meer kracht levert dan een elektrische zonder dat je aan een aansluiting vastzit. Dat is de tweede reden dat de zwaarste machines in deze groep zitten.
Cyclustijd telt zwaarder dan kloofkracht
Is de kloofkracht eenmaal ruim genoeg, dan bepaalt de cyclustijd hoeveel hout je op een dag maakt: de tijd die de wig nodig heeft om heen en terug te gaan.
Daar zit de tweetrapspomp achter. Die loopt snel zolang er geen weerstand is en schakelt vanzelf terug naar hoge druk zodra de wig het hout in gaat. Zonder zo'n pomp sta je bij elk blok te wachten op de terugloop. Kijk verder of de slag te begrenzen is. Bij korte blokken hoef je de wig niet helemaal terug te laten lopen, en dat is per blok een paar seconden die je honderden keren maakt.
Motor, hydrauliek en de winter
De motor vraagt wat elke viertaktmotor vraagt: oliepeil controleren, luchtfilter schoonhouden en de brandstof niet maandenlang laten staan. Tank af of gebruik alkylaatbenzine voordat je de machine wegzet.
De hydrauliek slaan mensen vaker over. Controleer het oliepeil koud en kijk de slangen na op schuurplekken. Let ook op de temperatuur van de tank, want olie die te warm wordt verliest druk en dan lijkt de machine ineens minder kracht te hebben.
Verdemac en Jansen leveren de benzinemachines die we voeren, tot in de klasse waar je stamdelen aan een stuk kloof.










